Omdat ChatGPT het zegt: de invloed van AI op ‘book bans’ in de VS

Het is 1951. The Catcher in the Rye van J.D. Salinger is net verschenen en groeit uit tot een groot succes. Maar daar is niet iedereen even gelukkig mee. Salinger gebruikt grof taalgebruik en de seksuele verwijzingen in de roman roepen weerstand op bij ouders, die hun zorgen neerleggen bij schoolbesturen. In de jaren die volgen, belandt de roman op de stapel van andere boeken die jongeren volgens hen beter niet kunnen lezen, samen met Steinbeck, Twain en Hemingway. Verschillende Amerikaanse scholen verwijderen het uit hun lesprogramma of bibliotheek.

Book bans zijn dus geen nieuw verschijnsel, maar de schaal waarop boeken worden aangevochten is sterk toegenomen. Tussen 2001 en 2020 waren dat gemiddeld 273 unieke titels, volgens de American Library Association. Voor het schooljaar 2025-2026 registreert PEN America, een NGO die zich bezighoudt met vrijheid van meningsuiting, 11.982 boekverboden op openbare scholen in de VS. Kleine nuance: het betreft 7.370 unieke titels – één titel kan in meerdere districten als verboden zijn geregistreerd, en ook tijdelijke bans vallen hieronder. Desalniettemin is dat een schrikbarend hoog aantal, en de lijst wordt alleen maar langer. De rol van AI bij het bepalen van wat een boek ‘gevaarlijk’ maakt, en welke moeten worden toegevoegd aan deze lijst, groeit daarbij ook.

Politieke macht bepaalt wat leerlingen mogen lezen

Deze stijging komt niet uit het niets. Ze weerspiegelt de groeiende invloed van conservatief beleid op Amerikaans onderwijs. In staten waar Republikeinen de politieke koers bepalen, worden met strengere wetten en interventies steeds meer beperkingen opgelegd aan wat leerlingen mogen lezen. Met name boeken over seksualiteit, lhbti+, ras en racisme delven hierbij het onderspit.

Zo’n 92% van bezwaren tegen bepaalde boeken komt van georganiseerde groepen die druk uitoefenen, overheidsfunctionarissen en andere besluitvormers. Vooral Texas en Florida springen eruit. Hier zijn zowel het gouverneurschap als de beide kamers van het staatsparlement Republikeins, en deze machtspositie werkt door tot in het onderwijs. Zo droeg de nieuwe Texaanse wet SB 13, die strengere eisen stelt aan schoolbibliotheken en ouders en schoolbesturen meer zeggenschap geeft over het boekenaanbod, volgens PEN America sterk bij aan de stijging van het aantal verboden. In Florida verspreidden verwijderingen zich nadat bestuurders één schooldistrict onder druk hadden gezet: andere districten namen dezelfde lijst met boeken uit voorzorg over, om klachten of bestuurlijke gevolgen te voorkomen.

Een lokaal besluit kan zo doorwerken op leerlingen ver buiten dat district. Een boek dat elders is verwijderd, komt gemakkelijker opnieuw ter discussie te staan. Dit is waar de rol van AI begint te groeien: schoolbesturen gebruiken LLM’s om boeken te beoordelen, waarbij AI een eerder verbod kan aandragen als argument voor een volgend verbod.

Verboden omdat het al verboden was

Volgens PEN America wenden schooldistricten zich steeds vaker tot AI om aan onduidelijke wettelijke voorschriften te voldoen. Inhoudelijke beoordeling kan dan worden vervangen door een lijst van zoekwoorden en bestaande verbodslijsten. In Texas kwam daarom met enige regelmaat voor dat generatieve AI-chatbots adviseerden om boeken te verwijderen omdat andere schooldistricten ze al hadden verboden. Een eerder besluit wordt daarmee gepresenteerd als inhoudelijk argument. Maar dat een boek elders uit de bibliotheek is gehaald, zegt op zichzelf niets over de vraag of het aan de wettelijke criteria voor verwijdering voldoet.

Voor datagedreven besluitvorming is dit een wezenlijk probleem. Meerdere bronnen kunnen hetzelfde oordeel herhalen doordat ze op één oorspronkelijke beslissing teruggaan. Als voornamelijk wordt gekeken naar hoe vaak een boek is verboden, kan die herhaling worden aangezien voor overeenstemming tussen onafhankelijke beoordelaars. Maar als AI die beoordeling uitvoert en een schoolbestuur de uitkomst zonder onafhankelijke toetsing overneemt, ontstaat ten onrechte de indruk van objectiviteit.

‘Neutrale’ AI binnen politieke kaders

Trump heeft de aantrekkingskracht van AI in ieder geval ontdekt. Op sociale media projecteert hij een flatterend zelfbeeld, waarvoor de werkelijkheid doorgaans onvoldoende medewerking verleent. Zelfs een afbeelding van hem als Christus-achtige genezer kwam voorbij. En  ook de technologie zelf viel ten prooi aan zijn hernoemingsdrang: zijn regering moet sinds eind september spreken van ‘Super Intelligence’. Dat klinkt natuurlijk indrukwekkend, maar de beperkingen en risico’s verdwijnen niet met het woord ‘artificial’.

Om zulke digitale grootheidsfantasieën kunnen we lachen, en dat doen we doorgaans ook. Maar de politieke inzet van AI reikt verder dan Trumps digitale zelfverheerlijking. Bij immigratiehandhaving helpt AI om meldingen te verwerken; bij een project voor het verminderen van overheidsregels werd AI ingezet om regels voor wijziging of schrapping te selecteren. En een presidentieel decreet uit juli 2025 schrijft voor dat door de federale overheid ingekochte taalmodellen ‘ideologisch neutraal’ zijn, terwijl het onder meer DEI en systemisch racisme als ideologische invloeden aanwijst. Daarmee bepaalt de regering zelf wat binnen haar definitie van neutraliteit past, en wat niet.

Maar een flatterend AI-plaatje van de president is nog voorbij te scrollen. De gevolgen van met AI uitgevoerd beleid dat met AI negeer je minder makkelijk. Boekverboden laten zien hoe politiek beleid kan doorwerken in een technisch advies. Wanneer een schoolbestuur aan een LLM vraagt welke boeken binnen restrictief beleid moeten verdwijnen, sturen de gekozen criteria de beoordeling al vanaf het begin.

Online verkrijgbaar, maar buiten bereik

Maar hoe ingrijpend is een boekverbod nog in dit digitale tijdperk, in een tijd waarin je boeken online kunt bestellen, en waarin e-books bestaan? Een boek kan wel verdwijnen uit een schoolbibliotheek, maar daarmee wordt het niet uit de handel gehaald. Een beperking voor alle scholen in een staat betekent nog steeds niet dat er een algemeen verbod op het kopen of lezen van die boeken van kracht is. Een leerling kan vaak via een andere route best aan een exemplaar komen.

En er zijn initiatieven die deze toegang bewust openhouden. Brooklyn Public Library biedt met haar programma Books Unbanned jongeren van 13 tot en met 21 jaar in de hele Verenigde Staten gratis toegang tot haar collectie e-books en luisterboeken. Dat is een mooi initiatief, maar lost niet alle gevolgen van een schoolverbod op. Online bestellen kost geld (en vraagt toegang tot geld); om digitaal te lenen is een internetaansluiting nodig, een geschikt apparaat en kennis van het aanbod. Voor leerlingen die afhankelijk zijn van de schoolbibliotheek, zijn die alternatieven minder vanzelfsprekend. En de openbare bibliotheek biedt niet overal uitkomst: ook daar worden boeken aangevochten en verwijderd.

Daarbij moet je natuurlijk wel weten dat een boek bestaat voordat je ernaar kunt zoeken. In een schoolbibliotheek kunnen leerlingen iets tegenkomen wat ze zelf nooit zouden hebben opgezocht, met een bibliothecaris of docent die hen op weg helpt. Wanneer een titel daar verdwijnt, verdwijnt ook een gelegenheid om een nieuw verhaal of perspectief te ontdekken. Het boek blijft misschien ergens anders wel verkrijgbaar, maar de toegang wordt afhankelijker van wat een leerling thuis kan, kent en mag.

Wat verdwijnt er met de boeken?

Die mogelijkheid om iets te ontdekken heeft ook betekenis voor de leesontwikkeling. Een boek waarin een leerling zichzelf herkent, of dat eindelijk eens niet voelt als huiswerk, kan de aanleiding zijn om vaker te lezen. Het beperken van de keuze in te lezen boeken draagt hieraan niet bij, terwijl het motiveren van jongeren tot lezen van groot belang is in een wereld waarin leesvaardigheid en media literacy steeds minder vanzelfsprekend zijn.

En in de VS, waar seksualiteit in het onderwijs vaak gevoelig ligt, zijn boeken over het lichaam en relaties van extra belang. Juist in conservatief bestuurde staten slaat de nadruk op het beschermen van kinderen soms door in het weghouden van belangrijke informatie. Seksuele inhoud per definitie als ongepast bestempelen kan ook betekenen dat jongeren minder toegang krijgen tot informatie over hun lichaam, minder goed leren hoe zij hun grenzen kunnen aangeven, en niet goed in staat zijn toxische relaties te herkennen. Juist ongemakkelijke onderwerpen die thuis of in de klas moeilijk bespreekbaar zijn, kunnen via een boek toegankelijk worden.

Het argument van ‘bescherming’ verzwakt daarmee. Wie jongeren bewust informatie ontzegt over hun lichaam, identiteit of maatschappelijke verhoudingen, beperkt de mogelijkheden om zelf een oordeel te vormen. Zulke beperkingen kunnen bestaande machtsverhoudingen versterken.

Natuurlijk is niet ieder boek geschikt voor iedere leeftijd. Maar beoordelen van geschiktheid vraagt juist daarom om aandacht voor de doelgroep, de context en het volledige verhaal. Een passage over seksueel geweld kan onderdeel zijn van een boek dat jongeren helpt misbruik te herkennen. Als alleen de passage wordt gemarkeerd, verdwijnt die context, en daarmee mogelijk het hele boek van de plank.

‘Omdat ChatGPT het zegt’ is geen argument

En zo komen we weer terug bij de rol van AI. Een eerder verbod kan informatie zijn voor een nieuwe beoordeling, maar het is op zichzelf geen bewijs dat een boek verwijderd moet worden. Oók niet wanneer een chatbot tien schooldistricten noemt die dezelfde keuze hebben gemaakt. Misschien hebben die immers allemaal hetzelfde lijstje gekopieerd. Zo kan AI bestaande opvattingen verder verspreiden zonder dat er iemand kritisch naar kijkt.

Voor organisaties die AI gebruiken bij beoordelingen is dat een belangrijk aandachtspunt. Een systeemuitkomst vraagt altijd om controle van de bronnen en de redenering achter de uitkomst: zijn de bronnen onafhankelijk? Welke criteria sturen de uitkomst? En krijgt degene die het advies controleert voldoende tijd, deskundigheid en bevoegdheid om ervan af te wijken?

Een boek dat als ‘gevaarlijk’ is aangemerkt, zou te allen tijde onafhankelijk moeten worden beoordeeld, met ruimte voor de expertise van bibliothecarissen en docenten, en aandacht voor context en the bigger picture. Politieke en bestuurlijke keuzes zijn misschien niet te vermijden, maar deze zouden herkenbaar moeten zijn als keuzes waarvoor mensen zelf de uiteindelijke verantwoordelijkheid dragen, al brengt een chatbot ze nog zo overtuigend. ‘Omdat ChatGPT het zegt’ mag nooit een toereikende reden worden om een boek uit de kast te halen.

 

Bronnen

https://www.ala.org/bbooks/book-ban-data

https://pen.org/report/book-bans-spotlight-2026

https://pen.org/book-bans/book-bans-frequently-asked-question

https://www.bklynlibrary.org/books-unbanned

https://capitol.texas.gov/tlodocs/89R/billtext/html/SB00013F.htm

https://www.oecd.org/en/publications/do-students-today-read-for-pleasure_5k9h362lhw32-en.html

https://www.wired.com/story/ice-is-using-palantirs-ai-tools-to-sort-through-tips

https://www.whitehouse.gov/presidential-actions/2025/07/preventing-woke-ai-in-the-federal-government

https://www.whitehouse.gov/fact-sheets/2026/09/fact-sheet-president-donald-j-trump-inaugurates-the-era-of-super-intelligence

Abonneer
Laat het weten als er
guest
0 Commentaren