De hittegolf van deze week laat vooral zien dat we elkaar nodig hebben

De hittegolf die deze week grote delen van Europa treft, zorgt opnieuw voor een intens debat over klimaatverandering. Tegelijkertijd laat deze discussie zien hoe belangrijk vertrouwen in data is geworden. Want hoe meer informatie beschikbaar komt, hoe groter de uitdaging lijkt om gezamenlijk te bepalen welke inzichten betrouwbaar zijn en welke conclusies we daaruit kunnen trekken.

Terwijl grote delen van Europa deze week opnieuw gebukt gaan onder uitzonderlijk hoge temperaturen, lijkt ook het klimaatdebat zelf steeds verder op te warmen. Sociale media vullen zich met grafieken, voorspellingen, onderzoeksrapporten en meningen van experts.

Vrijwel iedere hittegolf leidt tegenwoordig tot hetzelfde patroon. Voorstanders van stevig klimaatbeleid zien bevestiging van hun zorgen over klimaatverandering, terwijl critici wijzen op onzekerheden in modellen, historische vergelijkingen of de beperkte invloed van Europa op de mondiale uitstoot.

Wat daarbij opvalt, is dat het gesprek steeds vaker lijkt te gaan over wie gelijk heeft, terwijl de veel belangrijkere vraag nauwelijks wordt gesteld: hoe zorgen we ervoor dat zoveel mogelijk mensen vertrouwen houden in de data waarop deze discussie wordt gebaseerd?

Persoonlijk zie ik weinig reden om te twijfelen aan het feit dat klimaatverandering een van de grootste uitdagingen van onze tijd vormt. De hoeveelheid wetenschappelijk onderzoek, temperatuurmetingen, satellietwaarnemingen en emissiedata die inmiddels beschikbaar is, maakt het steeds moeilijker om te beweren dat er niets aan de hand is.

Tegelijkertijd zie ik een tweede ontwikkeling ontstaan die minstens zo relevant is. Naarmate er meer data beschikbaar komt, lijken steeds meer mensen moeite te hebben om te bepalen welk verhaal zij nog kunnen vertrouwen. Dat is opmerkelijk, want je zou verwachten dat een grotere hoeveelheid data automatisch leidt tot meer inzicht en meer consensus. In de praktijk blijkt vaak het tegenovergestelde waar. Ik voel dat zelf ook.

Waarom meer data niet automatisch leidt tot meer vertrouwen

Nog nooit in de geschiedenis beschikten we over zoveel informatie als vandaag. Satellieten registreren veranderingen in de atmosfeer, sensoren meten temperaturen op duizenden locaties tegelijkertijd, wetenschappers publiceren een vrijwel onafgebroken stroom van nieuwe inzichten en overheden stellen steeds meer datasets beschikbaar voor onderzoekers en burgers. Toch leidt die overvloed aan informatie niet automatisch tot meer duidelijkheid.

Integendeel. Vrijwel iedere groep beschikt inmiddels over grafieken, rapporten en experts die het eigen standpunt ondersteunen. Daardoor ontstaat bij veel mensen het gevoel dat data niet langer wordt gebruikt om de werkelijkheid beter te begrijpen, maar vooral om een vooraf gekozen conclusie te onderbouwen.

Dat gevoel is gevaarlijk, niet omdat mensen kritische vragen stellen, maar omdat klimaatverandering bij uitstek een vraagstuk is dat alleen kan worden aangepakt wanneer voldoende mensen bereid zijn om samen te werken. Als de onderliggende analyses kloppen, en daar zijn sterke aanwijzingen voor, dan hebben we ondernemers nodig die investeren in innovatie, wetenschappers die blijven onderzoeken, beleidsmakers die moeilijke keuzes durven maken en burgers die bereid zijn mee te denken over oplossingen.

Vertrouwen in data is cruciaal voor maatschappelijke samenwerking

We kunnen ons simpelweg niet veroorloven dat grote groepen mensen afhaken omdat zij het vertrouwen verliezen in de manier waarop data, modellen en conclusies worden gepresenteerd.

Juist daarom verbaast het mij soms dat de discussie zo vaak wordt gevoerd alsof er slechts twee kampen bestaan. Aan de ene kant zouden zich de mensen bevinden die de wetenschap volgen, terwijl aan de andere kant de sceptici zouden staan die de ernst van het probleem niet willen erkennen. De werkelijkheid is natuurlijk veel genuanceerder. Tussen die twee uitersten bevindt zich een grote groep mensen die het klimaatprobleem serieus neemt, maar tegelijkertijd behoefte heeft aan transparantie, context en uitleg.

Mensen die niet op zoek zijn naar minder data, maar juist naar beter begrijpelijke data. Mensen die niet alle antwoorden betwisten, maar wel willen begrijpen hoe bepaalde conclusies tot stand komen.

Binnen de accountancy bestaat al tientallen jaren een eenvoudig principe. Een conclusie is niet alleen waardevol omdat zij juist is, maar ook omdat anderen kunnen begrijpen hoe zij tot stand is gekomen. Daarom documenteren accountants hun aannames, beschrijven zij onzekerheden en leggen zij vast welke informatie is gebruikt.

Wat accountants kunnen leren aan het klimaatdebat

Transparantie wordt daarbij niet gezien als een luxe, maar als een voorwaarde voor vertrouwen. Niemand zou een controleverklaring accepteren waarin simpelweg staat dat een model heeft vastgesteld dat alles in orde is. We verwachten inzicht in de gebruikte informatie, de gehanteerde uitgangspunten en de beperkingen van de analyse.

Misschien heeft het klimaatdebat precies datzelfde nodig. Niet minder wetenschap, niet minder data en ook niet minder ambitie, maar juist meer openheid over bronnen, aannames, onzekerheden en beperkingen. Mensen willen niet alleen weten wat de conclusie is. Zij willen begrijpen hoe die conclusie tot stand is gekomen. Zij willen weten welke data wordt gebruikt, welke keuzes onderzoekers maken en welke onzekerheidsmarges daarbij horen. Dat verlangen is niet onredelijk. Sterker nog, het vormt de basis van vertrouwen in iedere datagedreven omgeving.

Transparantie als basis voor draagvlak en vertrouwen

De hittegolf van deze week laat daarom misschien meer zien dan alleen hoge temperaturen. Zij laat ook zien hoe belangrijk vertrouwen is geworden in een wereld die steeds afhankelijker wordt van data. Want als we de komende decennia werkelijk grote maatschappelijke veranderingen moeten realiseren, dan hebben we niet minder mensen nodig, maar juist meer. Dat vraagt om een gesprek waarin ruimte bestaat voor vragen, waarin data toegankelijk en controleerbaar is en waarin transparantie belangrijker wordt gevonden dan het winnen van een discussie.

Want uiteindelijk worden grote maatschappelijke uitdagingen niet opgelost doordat één groep gelijk krijgt. Zij worden opgelost doordat voldoende mensen bereid zijn om samen aan dezelfde kant van de tafel plaats te nemen. En dat begint met iets waar iedere data-analist, accountant en onderzoeker het eigenlijk over eens zou moeten zijn: vertrouwen ontstaat niet door méér grafieken, maar door een eerlijk, transparant en controleerbaar verhaal achter die grafieken. Dat is misschien wel de belangrijkste les van deze snikhete Europese week.

Abonneer
Laat het weten als er
guest
0 Commentaren